Realitysurfing

april 3, 2009

Met liften verander je vaak niet alleen telkens van auto naar auto, maar ook van verhaal naar verhaal. Je springt soms letterlijk van de ene realiteit in een andere.

In 3,5 uur lifttijd stapte ik tijdens mijn meest recente liftdag van een gerestaureerd oud bootje op het IJselmeer over naar het Plein van de Hemelse Vrede in Bejing, met 1 miljoen Chinezen die mij allemaal aangapen, en met een andere man ga ik met haast naar zijn vijf-jarige zoontje om die op tijd naar zwemles te brengen (“anders had ik je wel even naar je huis gebracht”), via een vrouw in een cabrio op haar terugweg van de cursus ‘geweldloze communicatie’ (die ze te agressief vindt).

Mensen zijn vaak erg open als je met ze in hun auto zit. Soms vertellen ze je hele verhalen over hun leven, waarbij details niet gespaard worden. Die verhalen blijven dan altijd bij je. Met de korte ritjes tussen Amsterdam en Den Haag valt dat overigens wel mee; de langste rit tot noch toe, was iets meer dan een uur en tijdens ritten die korter duren heb je niet zo heel veel ruimte om echt diep te gaan.

Tijdens die ritten wil je er zoveel mogelijk uithalen. Je zit bij iemand in de auto die je een minuut geleden nog niet kende, iemand die jou uitnodigt om met hem of haar mee te gaan – als gastvrijheid, als gunst – en dat is toch best bijzonder.

Ik laat het bij de gesprekken afhangen van de chauffeur. Ik ga het gesprek aan, ik leg uit waar ik vandaan kom en waar ik heen ga, maar ik laat vaak wel de ruimte aan de chauffeur om het onderwerp verder te bepalen. Ik ga in op vragen of opmerkingen en gedachten die z/hij uitspreekt. Door op bepaalde signalen te letten en mijn reactie daarop aan te passen, kan ik ruimte scheppen om dieper in te gaan op zaken waar je wat van leren kan, of wat voor mijn chauffeur belangrijk is. Zo transformeert het liften zich in een mooi proces van geven en nemen, en van constant leren.

“Zo jij hebt geluk”, zegt de Poolse man in het Engels, “wij zijn ook op weg naar Den Haag”. Naast hem in het busje zit de chauffeur maar hij zegt niets, niet eens hallo. Eerst reed hij mij voorbij. Hij keek nog wel even naar me maar ik dacht: hopeloos. Tien seconden later toeterde hij naar me, en met zijn hoofd uit het raampje zwaaide hij, terwijl ze wachten voor het rode verkeerslicht.

“Nou wat een geluk”, denk ik. Ik had zojuist een halfuur in de kou gestaan, en maar wachten, en maar wachten, en maar lachen en lachen. Wanneer komt mijn rit nu? Ik had nooit gedacht dat het zo lang kon gaan duren ‘s ochtends vroeg om half negen, maar de meeste mensen negeerden mij gewoon, of zwaaiden dat ze een andere richting uit moesten. En ik had nog wel een meeting om 10 uur. Zou ik nog wel op tijd komen? Maar de Poolse man had gelijk. Ik had toch nog geluk: dankzij deze directe lift zou ik het net gaan redden.

De week ervoor ging ook al bijna mis. Ik had een lift naar Delft, binnen vijf minuten. De rit was gezellig, met moeder en dochter, maar door de files en een omweg, was ik net tien minuten te laat voor een meeting. Gelukkig was de persoon met wie ik de afspraak had zeer coulant en er was geen probleem. Maar twee dagen daarvoor had ik met een rit naar Rijswijk, een mevrouw die mij binnen twee minuten oppikte, toch wat meer geluk: ik was 20 minuten voor de vergadering op kantoor.

Ik had het overigens wel kunnen weten dit keer. Ik had zojuist ontdekt dat er vlak bij huis (5 minuten loopafstand) ook een goede liftplek is: een bushalte vlak voor de supermarkt. Ik was daar twee dagen eerder op mijn terugweg afgezet en ik wilde deze nieuwe plek graag uitproberen. Maar helaas, tegen dit gevoel in koos ik er toch voor om naar mijn oude plekje te gaan, want ik wilde het zekere voor het onzekere nemen… Toch gelukt dus, maar op het nippertje.

En wat ze op kantoor zeiden? “Hoe krijg je het toch voor elkaar om elke keer weer keurig op tijd te zijn”.

Regen. Kut. Eerste werkdag. Toch maar trein doen? Nee, besluit ik meteen. Dit zal ik doorzetten. Juist op zo’n eerste dag. Bovendien zorgt regen er vaak zelfs voor dat mensen je eerder oppikken. Dan maar een paraplu mee, die ik vervolgens niet eens gebruik onderweg naar het eind van de Van Galenstraat. Een half uur later dan gepland loop ik mijn huis uit, klaar voor een lekkere wandeling van 15 minuten en mijn eerste werkdag en een avontuurlijk liftdag.

Tien minuten later gaat er een raampje open en wordt er getoeterd achter mij. De vrouw lachte eerst naar me en reed met haar handen omhoog door. Toch maar wel dus. Ze gaat naar Katwijk voor een training die ze geeft en kon me niet in de regen laten staan. Als ik vertel dat ik uit Huizen kom, blijkt haar vrouw ook daarvandaan te zijn. En gelift heeft ze vroeger zelf ook.

Ze zet me af bij het benzinestation voordat de A4 splitst in de N44. Het regent nog altijd. Snel vraag ik de eerste persoon die ik zie. Hij lijkt te liegen als hij zegt dat hij niet naar Den Haag gaat. Meteen door naar de volgende -geen zin om te wachten- hij komt net uit de winkel en stapt zijn auto in. “Ja natuurlijk”, zegt hij, “stap maar in!”

Er is nog een passagier en samen zijn ze onderweg naar een theatervoorstelling voor kinderen. De chauffeur is technicus en de passagier een bekende acteur  en theatermaker (Mostafa Benkerrium). Ze zijn van het Internationaal Danstheater maar we praten vooral over liften. Over de chauffeur zijn meest memorabele rit toen hij kotsend een auto uitging die veel te hard reed over een weg vol bochten, en vervolgens opgepikt werd door een pastoor in niemandsland. Ik vertel ze op mijn beurt over de vrouw die mij twee jaar terug in Oostenrijk oppikte en vroeg of ik zin in sex met haar had in haar buitenhuis. “De lift waar elke lifter van droomt”, roept hij uit. “Ja, en ik liet haar gaan”, vervolgde ik lachend.

Voor de terugweg had ik drie lifts nodig, en twee uurtjes deur-tot-deur (ook lifters hebben last van files). Na 10 seconden stopte in De Haag een bijna gepensioneerde man, die van plan is om de wereld rond te fietsen vvolgend jaar. Daarna binnen tien minuten een geschiedenisdocent die op de UvA les had gehad van dezelfde docenten als ik, en als laatste een jonge jurist met drie kinderen op een woonboot die drie jaar lang van huis naar school en weer terug had gelift in Groningen (“te lui om te fietsen”), en mij om de hoek van huis lachend afzet, vanwaar ik zingend naar huis loop.

Liften Werkt!

maart 11, 2009

Liftend naar mijn werk, dat is mijn hobby. Eens per week, op donderdagochtend, sta ik in Amsterdam aan het eind van de Jan van Galenstraat, met mijn duim omhoog en het bordje “Leiden/ Den Haag”. Het kost me ongeveer 5 minuten om een eerste lift te krijgen op mijn route van 55 kilometer, soms wat langer.

Mijn nieuwe baan ben ik in maart 2009 begonnen. De eerste lift-trip heb ik in februari gemaakt. Dat was voor mijn kennismakingsgesprek. Twee auto’s brachten mij erheen, en twee andere chauffeurs brachten mij weer terug. Liften is voor mij de enige weg.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.